GL wil gedegen onderzoek effecten Friese Merenproject

Natuurlijke oevers – foto: Joerg Peters

“Onzin!”, sprak Retze van der Honing in de Statenvergadering van 25 april 2018. “Er is in het Friese Merenproject maar liefst 450 miljoen euro gestoken, ook in mitigerende maatregelen. Daarvan zouden we de effecten onderzoeken. En nu wordt gezegd dat dat niet kan! Dat is een keuze.” Van der Honing diende dan ook een amendement in voor onderzoek naar het effect van de mitigerende maatregelen op het gebied van ecologie en duurzaamheid.

In het Friese Merenproject zijn sinds 2000 vele maatregelen uitgevoerd om te zorgen dat het watersportgebied rond de Friese meren aantrekkelijker zou worden. Hierdoor zouden de werkgelegenheid en de bestedingen stijgen en Friesland zou de marktpositie op het gebied van watersport behouden. Daarbij werden speciale ‘mitigerende maatregelen’ (compenserende maatregelen) genomen voor de negatieve effecten van de projecten op natuur en milieu. In januari 2017 pleitte GrienLinks voor een eindevaluatie naar de effecten van het geïnvesteerde geld (lees hier meer). De Staten gingen vervolgens akkoord met een GrienLinks amendement eindevaluatie.

Verantwoording afleggen
In de Statenvergadering van woensdag 25 april 2018 dienden Gedeputeerde Staten hiervoor een plan in. Het voorstel was om onder meer te onderzoeken of de hoofddoelen gehaald zijn, wat daarvoor gedaan is en hoe het staat met de toekomstbestendigheid van de Friese Meren. Ook willen de Gedeputeerde Staten een brede watervisie opstellen voor watersport en waterrecreatie.

In het voorstel wordt echter gezegd dat van vele maatregelen het moeilijk is de cijfers te achterhalen. Er hoeft daarom volgens GS slecht een globaal onderzoek te komen naar gehaalde doelen. Hier was Van der Honing het niet mee eens. Van der Honing: “Het Friese Merenproject is in deze staten al aantal keer bediscussieerd, er is heel veel geld in gestoken en heel veel tijd. Het project had zeer ambitieuze doelstellingen. Ik kan me herinneren dat verschillende partijen daar wel wat kritisch over waren en vroegen of die doelstellingen wel allemaal haalbaar waren. Het antwoord was steeds ‘ja’. Deze Staten zijn verleid door Jannewietske de Vries (gedeputeerde PvdA) om met dit project in te stemmen. Er is toen steeds gevraagd: kunnen we straks kijken of die doelstellingen gehaald zijn? Ja, dat kon, was het antwoord. De cijfers over die doelstellingen zouden bijgehouden worden, want de gedeputeerde wist dat er daarna een evaluatie zou komen. Dan kun je nu niet zeggen: “Sommige doelstellingen zijn niet gehaald en we weten het eigenlijk niet goed, dus we evalueren dat maar niet.” Dan neem je jezelf als Staten niet serieus. Het gaat om de effectiviteit en de maatschappelijke impact van dergelijke grote projecten en je moet bereid zijn om daar verantwoording over af te leggen. Al is het maar dat je in de evaluatie zet dat je bepaalde effecten niet met zekerheid aan een maatregel kunt toeschrijven. Dat leert ons dan bij zo’n groot project een volgende keer niet zo’n grote mond te hebben met zulke grote doelstellingen.”

Effecten maatregelen op ecologie en duurzaamheid
Daarnaast miste Van der Honing gedegen onderzoek naar de effecten van de (mitigerende) maatregelen op ecologie en duurzaamheid. Gedeputeerde Klaas Kielstra gaf als reden dat hier geen harde doelen voor waren gesteld en dat ze daardoor niet goed gemeten kunnen worden. Daarom wilde hij ze alleen globaal onderzoeken of het hoofddoel (de marktpositie behouden) behaald was en welke maatregelen er genomen waren om dat te bereiken. Van der Honing pleitte echter voor een beter onderzoek op dat gebied.

“Mitigerende maatregelen zijn hele concrete maatregelen die genomen zijn om schade aan de natuur te verzachten of verminderen. Er wordt nu voorgesteld deze maatregelen te onderzoeken op doelniveau, maar daar kun je niet voldoende van leren voor de toekomst. Deze maatregelen moeten onderzocht worden op maatregelniveau. Dat kost ongeveer 15.000 euro extra, maar daardoor kunnen we dan echt zien of de maatregelen gewerkt hebben of niet. Wij dienen daarom een amendement in om dit onderzoek ook uit te voeren, naast de andere onderzoeken binnen de evaluatie.”

Brede watervisie
Positief was hij wel over het plan om een brede integrale watervisie op te stellen. “Het is belangrijk integraal naar de toekomst te kijken. Daarom wil ik u vragen: bent u bereid een startnotitie over een brede watervisie te maken? Ik heb daar ook nog een tip bij: kijk dan meteen hoe je het meten kunt.” Gedeputeerde Klaas Kielstra wilde inderdaad graag tempo maken met het opstellen van deze brede watervisie op het gebied van watersport en waterrecreatie. Deze watervisie wil hij nog deze bestuursperiode presenteren.

Het amendement van GrienLinks werd helaas niet aangenomen (15 voor en 25 tegen).
Het voorstel van GS werd wel aangenomen (24 stemmen voor en 16 tegen).

  • Delen op Google+
  • Delen op Facebook
  • Delen op Twitter