Trams door Leeuwarden
'Mobiliteit is fun' en 'de auto mag'. Wethouder Den Oudsten moet oppassen niet mee te gaan in de trend die partijgenoot en verkeersminister Netelenbos onlangs zette. Waarom nu opeens het ideaal van de autoluwe binnenstad overboord gooien, vroeg ook de FNP zich onlangs af. Net zo min als rekeningrijden op landelijk niveau biedt dergelijke symptoombestrijding een structurele oplossing voor de Leeuwarder verkeersproblematiek

De noodzaak voor zo'n structurele oplossing zal met de voorgenomen verstedelijking van Leeuwarden Zuid nog verder toenemen. De verkeersdruk op de twee zuidelijke invalswegen (Overijsselseweg, Drachtsterweg) zal immers nog groter worden. Toch biedt juist deze ontwikkeling de oplossing.

Met de aanleg van dit nieuwe stadsdeel ontstaat tevens het nieuwe infrastructureel knooppunt Werpsterhoek, waar de A31, de 'Haak om Leeuwarden' en de spoorlijn op elkaar aansluiten. Rondom dit knooppunt zal een bedrijfsterrein en kantorencomplex worden ontwikkeld. De ideale plek voor een transferium.

Deze gedachte is niet nieuw. Zo nam de gemeente Leeuwarden in de 'Contourennota Leeuwarden Zuid' aanleg van een transferium bij Werpsterhoek op.

Helaas krijgt het transferium Werpsterhoek en daarmee het gehele relatief afgelegen stadsdeel Leeuwarden Zuid niet de verbinding met het stadscentrum die ze verdient, sterker nog, die noodzakelijk is, wil Werpsterhoek echt aantrekkelijk zijn als vestigingsplaats voor kantoren. In de Contourennota is namelijk sprake van een verbinding door middel van een experimenteel voertuig, een tussenvorm tussen bus en tram. Het geval bevindt zich echter nog in ontwikkelfase en heeft zich in de praktijk nog nergens ter wereld bewezen. Hiermee kan de forenzende automobilist geen serieus tegenbod gedaan worden.

Beter is het te kiezen voor echt kwalitatief hoogwaardig openbaar vervoer door middel van een tramverbinding (in modern taalgebruik: lightrailverbinding) tussen stadsrand en centrum. Hoogwaardig: dus niet met piepende tweedehands oude Amsterdamse trams, maar met nieuwe, comfortabele designlagevloertrams. Trams waar je moeiteloos met rolstoel en al in rijdt en waarin bijvoorbeeld ruimte is voor het meenemen van fietsen. Overdekte haltes met rechtstreekse informatie over de dienstregeling op tv-schermen. Openbaar vervoer met grandeur, bovendien zonder dieselwalmen, dat zich in Duitse en Franse steden veelvuldig bewezen heeft. In steden als Straatsburg en Karlsruhe, maar ook in kleinere steden als Nordhausen (ca. 60.000 inwoners).

Deze tramlijn rijdt vanaf knooppunt Werpsterhoek over de hoofdas van Leeuwarden Zuid (Overijsselseweg) via MCL-Zuid naar station en stadscentrum. Vanaf Werpsterhoek reizen forensen zo snel, comfortabel en zonder files en parkeerproblemen naar het stadscentrum; Werpsterhoek wordt nog aantrekkelijker als kantorencomplex. Een aantal buslijnen haaks op de tramlijn zorgt er bovendien voor dat ook inwoners van Leeuwarden Zuid optimaal van de tramlijn gebruik kunnen maken. Binnen de bebouwde kom neemt de verkeersdruk af, waardoor een verkeersinfarct op de Overijsselseweg en Drachtsterweg wordt voorkomen.

Vanuit het centrum gaat de tramlijn in noordelijke richting verder over de Troelstraweg, langs MCL-Noord naar de invalsweg vanuit Stiens, waar een noordelijk transferium op dezelfde manier als bij Werpsterhoek voor aanzienlijke vermindering van verkeersoverlast binnen de stad zorgt. Eventueel kan de tramlijn via het oude spoortracé verder worden verlengd tot aan Stiens. Tenslotte vermindert een oostwestlijn met transferia nabij Westeinde, De Zwette en Vrijheidswijk/ Camminghaburen de verkeersdruk vanuit Oost- en West-Friesland.

Alleen een dergelijke, integrale, structurele aanpak, waarbij rekening wordt gehouden met toekomstige stedenbouwkundige ontwikkelingen en waarbij gezocht wordt naar een goede balans tussen individueel en openbaar vervoer kan echt een oplossing bieden voor de huidige verkeersproblematiek.

Wouter den Hollander
DWARS, Groenlinkse Jongerenorganisatie
afdeling Fryslân
terug