Meer aandacht voor het voorkómen van schade door ganzen

“Voorzitter, zoals gezegd is elke gans die afgeschoten wordt er ons inziens een te veel. Dat de ganzen schade veroorzaken ziet GrienLinks ook. Maar alleen een beleid waarin preventie voorop staat kan rekenen op een breder draagvlak en is juridisch houdbaar’, zei Statenlid Jochem Knol in het debat over ganzenbeleid (op 20 april 2022). Hij diende moties in voor onderzoek naar beleidsmaatregelen, meer aandacht voor preventieve maatregelen en voor logischer grenzen van rustgebieden voor ganzen.

Evaluatie Gans in Balans en Friese ganzenaanpak
Het huidige ganzenbeleid (Fryske Guozzeoanpak) loopt tot oktober 2023. Daarom heeft Gedeputeerde Staten een evaluatie laten maken van het huidige beleid en een startnotitie gemaakt om een richting te bepalen voor een nieuwe beleidsnota. In het debat op 20 april 2022 moesten de Statenleden een beslissen over deze richting en om het huidige beleid met een jaar te verlengen tot oktober 2024, zodat ondertussen het nieuwe beleid uitgewerkt kan worden.

In de startnotitie staan drie richtingen om uit te werken:
1 doorgaan met het huidige beleid
2 doorgaan met het huidige beleid met aanscherping van het beleid
3 meer inzetten op bescherming van ganzen

De voorkeursvariant die het college voorstelde was optie 2.

Motie: meer aandacht voor preventie
Statenlid Jochem Knol vond het voorbarig om al een richting te kiezen, terwijl bepaalde onderzoeken nog lopen. Zoals dat van BIJ12 naar de grasschade die ganzen veroorzaken.

Jochem Knol tijdens het debat: “Voorzitter, honderdduizenden ganzen in Nederland worden jaarlijks afgeschoten. Elke gans is er wat GrienLinks betreft een te veel en in de in de starnotitie voorgestelde richting wordt ons inziens een belangrijke stap overgeslagen. Nu wordt reeds een keuze gemaakt voor een aanscherping van het verjagen en afschot van ganzen. Zijn de mogelijkheden voor preventie wel voldoende in beeld gebracht? Lopen we niet de kans juridisch onderuit gehaald te worden? De Wet Natuurbeheer is heel duidelijk. Eerst moet alle preventieve maatregelen in beeld worden gebracht en worden uitgevoerd. En dat is nu precies wat er aan schort.”

GrienLinks pleit al jaren voor het zaaien van andere grasmengsels, die ganzen minder lekker vinden. Het Engels raaigras dat er meestal staat, is als een eiwitrijk saladebuffet voor de ganzen, waardoor ze er juist op afkomen. Jochem: “Juist die mogelijkheden dienen ook in beeld worden gebracht en bekeken moet worden of het ook een bijdrage kan leveren aan het beperken van de schade.” Hij diende een motie in, mee ingediend door de SP, voor meer aandacht voor preventieve maatregelen.

Motie logischer indeling foerageergebieden
Ook diende hij een motie in, mee ingediend door de PvdD, voor inzet om de indeling van foerageergebieden logischer te maken en de gebieden te vergroten. Waar de grenzen liggen van de gebieden is nu lang niet altijd duidelijk. Jochem: “Omdat het beleid is gebaseerd op volledige vrijwilligheid is dit moeilijk te sturen. Voor ganzen en volgens mij ook voor de betrokkenen is het om gek van te worden. Waar mag je wel foerageren en waar niet? Vrijwilligheid staat voorop, maar is er in overleg met de betrokkenen nog een verbeterslag te maken?”

Motie effecten beleidsmaatregelen
Verder diende hij een motie in, mee ingediend door PvdD en SP, om te onderzoeken welke beleidsmaatregelen binnen en buiten de provincie effect hebben gehad. “Inmiddels is duidelijk dat de beleids- en uitvoeringsmaatregelen die de afgelopen jaren zijn doorgevoerd niet hebben bijgedragen aan minder schade door ganzen”, sprak Jochem. “Van die beleids- en uitvoeringsmaatregelen kunnen we ook alles leren en we voorkomen ermee dat we blindelings een doodlopende weg of in dit geval vlucht inslaan. Die kennis is ons inziens onmisbaar bij het uitwerken van de keuzes in het ganzenbeleid.”

Tot slot diende hij een motie van de SP mee in tegen jacht in weidevogelgebied. Grienlinks stemde voor een motie van de PvdD voor een voorkeursvariant zonder ondersteunend afschot en stemde daarnaast voor een motie van D66 om de legeskosten voor de aanvraag van schadevergoeding terug te krijgen.

“Voorzitter, zoals gezegd is elke gans die afgeschoten wordt er ons inziens een te veel. Dat de ganzen schade veroorzaken ziet GrienLinks ook. Maar alleen een beleid waarin preventie voorop staat kan rekenen op een breder draagvlak en is juridisch houdbaar.”

Debat
Diverse partijen dachten daar anders over, waaronder het CDA. Jochem tijdens het debat: “Bent u het er niet mee eens dat preventieve maatregelen nodig zijn om juridisch ook te zorgen dat het in orde is?” Hij verwees hiermee naar eerdere beslissingen van de provincie waarmee de provincie inging tegen gerechtelijke uitspraken, zoals op het gebied van stikstof, een natuurvergunning voor een steiger, het afschieten van vossen en damherten, compensatie voor natuur bij het Polderhoofdkanaal, et cetera. Statenlid Meekma van het CDA gaf aan er niet over in te zitten en uit te gaan van de deskundigheid van degenen die de startnotitie hadden opgesteld en van deskundigen in het veld, “niet van een Statenlid.”
Jochem: “Dat hebben we een poos geleden ook gehoord, maar of we het nou leuk vinden of niet, alles gaat bij de rechter onderuit. Dan is het geen wijsheid van een Statenlid maar van een rechter.”

Forum voor Democratie wilde de populatie ganzen verminderen door meer te schieten. Jochem in een interruptie: “Er is geen relatie tussen veel schieten en het afnemen van schade. De natuur herstelt zich. Vossen die afgeschoten worden krijgen meer jongen.” Hij pleitte daarom opnieuw voor het bekijken van alle opties, ook preventieve maatregelen.

Menno Brouwer van de PvdD viel Jochem bij: “Het huidige ganzenbeheer is symptoombestrijding, het verandert niks aan oorzaak die zit in de biotoop. Als u het aantal ganzen naar beneden wilt brengen, gaat u dan ook bezig biotoop te verbeteren?”
FvD: “Nee, dat is niet onze eerste maatregel. Wij willen aantallen verminderen, u wilt op de stoel van God zitten. Wij hoeven het leefgebied niet te veranderen om te proberen om ganzen te verminderen.”

Reactie gedeputeerde
De gedeputeerde vatte samen dat er zoals verwacht veel verschillende visies waren. Hij liet de moties van GrienLinks aan het oordeel van de Staten, maar zegde wel toe in de uitwerking van de startnotitie wat meer aandacht te besteden aan preventieve maatregelen. Daarnaast gaf hij aan dat in de uitwerking van de voorkeursvariant wel iets stond over de indeling van de foerageergebieden. Een uitbreiding zou een kostenplaatje aan hangen, maar hij zegde toe naar het optimaliseren van de indeling te kijken.

Uitslag stemming
Helaas haalden onze moties het alle drie niet, evenals de motie van de PvdD. De motie van D66, die GL mee indiende over de terugvordering van legeskosten, haalde het wel.

Achtergrondinformatie

Ganzen die van nature in het wild voorkomen, zijn beschermd via de Europese Vogelrichtlijn, bijvoorbeeld de grauwe gans, kolgans en brandgans. In Nederland is die bescherming geregeld in de Wet Natuurbescherming. In principe betekent dat dat je de ganzen niet mag verstoren, vangen of doodschieten. Daar zijn wel uitzonderingen op mogelijk, als er geen andere bevredigende oplossing is, de staat van instandhouding niet verslechtert en het nodig is om o.a. ernstige schade te voorkomen (bijv. gewassen of flora/fauna te beschermen).

In de winters blijven er (met trekganzen erbij) ongeveer 500.000 ganzen in Fryslân. Deze ganzen zorgen voor veel schade aan gewassen, voornamelijk aan grasland dat ze bijna kaal vreten. Dit gras kunnen de boeren dan niet meer verkopen. De schade is inmiddels opgelopen tot bijna 10 miljoen per jaar. Daarom geeft de provincie via vrijstellingen of ontheffingen toch toestemming om ganzen te verjagen en te schieten.

Om de ganzen nog enigszins te beschermen zijn er rustgebieden ingericht, zogenaamde foerageergebieden. Daar mogen ze niet verjaagd of gedood worden. Grondbezitters (vaak boeren) die hun land als foerageergebied hebben opgegeven krijgen de schade van ganzen voor 100% vergoed. In overige gebieden krijgen boeren 80% vergoed. Het is dan wel de bedoeling dat ze de ganzen verjagen naar foerageergebieden of ganzen afschieten. Zo zou de schade met 5-10% per jaar verminderd moeten worden.
Maar ondanks het afschieten van zo’n 65.000 ganzen per jaar (waarvan 40.000 in de winter) is de schade de afgelopen jaren niet verminderd.