Laat verkeersveiligheid geen papieren ambitie zijn!

Tijdens de Provinciale Statenvergadering op 23 april is nieuwe visie over verkeersveiligheid voor 2026-2040 in de provincie Fryslân besproken. GrienLinks wil dat verkeersveiligheid écht serieus genomen wordt. Het aantal verkeersslachtoffers stijgt en er ligt een duidelijke visie, maar zonder geld blijft het bij woorden. Elsa van der Hoek was duidelijk in haar bijdrage:

“We hebben met elkaar de ambitie uit gesproken dat we streven naar 0 verkeersslachtoffers. Maar hoe gaan we deze ambitie bereiken? Wat hebben we aan een visie die onuitvoerbaar blijkt omdat er geen geld voor wordt vrijgemaakt?”

Ze wees op de eerder aangenomen GrienLinks motie uit 2022, over het aanpakken van onveilige oversteekplekken. Ondanks brede steun is daar nog altijd geen uitvoering aan gegeven. “Er zijn in Fryslân meer dan 100 gevaarlijke oversteken. Hoe zit het met het zoeken naar extra middelen om uitvoering te geven aan wat we hebben afgesproken?

Samen met de PvdA diende GrienLinks drie moties in:
1. Doen wat nodig is voor minder verkeersongelukken – De bespreking van de kadernota van 2026 is een uitgelegen kans voor het college om met een voorstel te komen voor de middelen die nodig zijn om het eerste uitvoeringsprogramma (2026-2030) wel te halen. Kom maar op met die middelen!
2. Jong geleerd is later veilig – Kinderen van 4-12 jaar zijn niet meegenomen in de visie op verkeersveiligheid terwijl meer verkeerseducatie op jonge leeftijd essentieel is voor het langdurig verlagen van de verkeersslachtoffers.
3. Uitvoeringsprogramma’s aan PS voorleggen – De Provinciale Staten hebben momenteel geen tussentijds zicht op, of besluitvormende rol als het gaat om de uitwerking van de verkeersvisie. Dit voorstel vraagt om uitwerkingen van de visie aan de Provinciale Staten voor te leggen.

Reactie van het college
Gedeputeerde Matthijs de Vries gaf namens het college aan dat het “absoluut de ambitie heeft om het aantal slachtoffers terug te dringen. Elke slachtoffer is er één teveel.

Toch ontraadde het college de meeste moties, zoals het vijfjaarlijks voorleggen van de voortgang en uitwerking van de verkeersvisie. De Gedeputeerde stelt dat dit ongebruikelijk is en dit een precedent zou scheppen. Dan kunnen de uitwerkingen op visies op andere onderwerpen ook elke vijf jaar worden voorgelegd aan de Provinciale Staten.
De motie over het vrijmaken van meer middelen in de kadernota 2026 wordt ook ontraden, maar de Gedeputeerde heeft wél een toezegging gedaan. Het college wil tijdens dit bespreekpunt een voorzet doen wat betreft de middelen die nodig zijn om het Manifest Verkeersveiligheid Fryslan 2010-2025 voort te zetten.

De motie ‘jong geleerd is later veilig’, over het expliciet benoemen van de leeftijdsgroep 4-12 jaar in de visie werd ook ontraden. De Gedeputeerde geeft aan dat de inzet op deze leeftijdsgroep zeer effectief is gebleken maar kiest ervoor om extra in te zetten op de categorie hierboven: 12-25 jaar. Het aantal dodelijke ongelukken onder die leeftijdsgroep is namelijk de laatste jaren toegenomen. Daarbij wordt er op drie verschillende momenten in het basisonderwijs al educatie gegeven over verkeersveiligheid en dat zal zo blijven.

Wat betreft de vraag over middelen (of het gebrek daarvan) wees de Gedeputeerde op de structurele 1,6 miljoen die begroot wordt voor dit onderwerp. Daarvan is 1 miljoen bestemd voor infrastructuur. Doordat het college zich moet verhouden tot het bestuursakkoord stelt de Gedeputeerde dat het college niet meer middelen kan toezeggen. Hij sluit echter niet uit dat er tot 2040 nog extra geld wordt gerealiseerd. Zo wil de provincie aanspraak maken op incidentele middelen vanuit het Rijk (40 miljoen vanuit Ministerie IenW) gezien dit om een wettelijke taak gaat.

Uitslag van de stemming
De moties ‘Doen wat nodig is’ en ‘Jong geleerd is later veilig’ haalde het niet: 15 voor, 27 tegen.
Alleen de motie ‘Uitvoeringsprogramma’s aan PS voorleggen’ kreeg nét meerderheid: 22 voor, 20 tegen – we zien de uitvoeringsprogramma’s dus graag tegemoet!

Geen tijd meer te verliezen voor onze natuur

Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is het ruggengraat van het Nederlandse natuurbeleid: een robuust netwerk van beschermde natuurgebieden, essentieel voor biodiversiteit, klimaatadaptatie en een gezonde leefomgeving. De afspraak was: klaar in 2027. Maar die afspraak dreigt nu niet alleen te worden uitgesteld, maar ook uitgehold.

“We spelen roulette met onze natuur, onze afspraken én onze provinciale portemonnee.”

Tijdens het debat in Provinciale Staten van 23 april uitte onze woordvoerder Jochem Knol stevige kritiek op het uitblijven van actie. De vrijwillige aanpak loopt vast, cruciale hectares blijven liggen, en geld wordt opgemaakt aan ganzencompensatie in plaats van natuurbescherming. Jochem: “Als we nú niet handelen, worden boeren straks alsnog met keiharde onteigening of zelfs faillissement geconfronteerd. Dat willen wij juist voorkomen.

Om die reden diende GrienLinks een amendement in dat het college opdraagt om de financiële risico’s, ecologische gevolgen en consequenties voor PAS-melders inzichtelijk te maken. Dit inzicht is essentieel voor zorgvuldige besluitvorming én voor het beschermen van natuur én boerenbelangen.

Daarnaast diende GrienLinks samen een motie in voor een Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse (MKBA). Hiermee willen we in kaart brengen wat de brede maatschappelijke waarde van het NNN is – voor natuur, klimaat, recreatie én toekomstbestendige landbouw. Deze motie hebben we op een later moment ingetrokken.

Reactie gedeputeerde
De gedeputeerde ontraadde vrijwel alle moties, waaronder ook die van GrienLinks. Hij vond het voorstel om financiële en ecologische risico’s inzichtelijk te maken ‘te complex’ en stelde dat veel al ‘in gang is gezet’. Daarmee liet hij weinig ruimte voor het doortastend optreden dat nu nodig is.

Nog geen definitieve besluitvorming
Een amendement van de BBB, dat onteigening categorisch wil uitsluiten, eindigde in een 21-21 stemming – wat betekent dat het hele besluit over de NNN, inclusief moties en amendementen, op 28 mei opnieuw in stemming wordt gebracht.

Volle inzet voor schoon en gezond water

Op 23 april discussieerden de Provinciale Staten over de tussenevaluatie van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Deze verplicht lidstaten om uiterlijk in 2027 de kwaliteit van ons grond- en oppervlaktewater op orde te hebben. Fryslân boekt vooruitgang, maar de doelen zijn nog lang niet gehaald. Sterker nog: met name de grondwaterkwaliteit gaat juist achteruit. Voor GrienLinks Fryslân is dit onacceptabel. Onze inzet is helder: we willen dat Fryslân verantwoordelijkheid neemt en alles op alles zet voor schoon water – voor natuur, landbouw, drinkwatervoorziening én gezondheid.

“Uiteindelijk komt dit allemaal in het grondwater terecht – en plukken we hier over 50 jaar nog de vruchten van.”

Met die scherpe woorden bracht onze woordvoerder Elsa van der Hoek de urgentie van het KRW-dossier onder de aandacht in de Statenvergadering. Ze verwees naar zorgwekkende verontreiniging van grondwater met PFAS, pesticiden en andere stoffen. En de tijd tikt: grondwatervervuiling werkt traag, maar is nauwelijks te herstellen. Elsa: “Wat we nu lozen, zit over decennia nog in ons drinkwater.

Voorstellen
Stoppen bij de bron: vermijd chemische vervuiling voordat die überhaupt in het milieu belandt door aan te dringen bij het Rijk en de Europese Commissie deze stoffen beperkter toe te laten en waar nodig te verbieden.
Tegen ongewenste uitbreiding van sierteelt: deze sector gebruikt veel bestrijdingsmiddelen wat schadelijk is voor de kwaliteit van ons grondwater. De motie vraagt het college verdere uitbreiding van de sierteelt tegen te gaan.
Samen integraal werken aan schoon water: naar Brabants voorbeeld pleiten we voor heldere samenwerking met Wetterskip, gemeenten en maatschappelijke partners. Volgens de Raad van Infrastructuur en leefomgeving is er momenteel een gebrek aan deze samenwerking en vormt dit de sleutel om de doelen wél te behalen.
Basis op orde voor vergunningen en toezicht (VTH): Het actualiseren van lozingsvergunningen is noodzakelijk om de omvang van de lozingen en specifieke probleemstoffen te inventariseren. Na uitvraag bij de Provincie blijkt dat maar liefst 13 lozingsvergunningen nog niet op orde zijn – dat moet en kán beter.

Reactie van het College
Helaas kreeg geen van de moties voldoende steun. Gedeputeerde Douwstra ontraadde alle voorstellen, met als voornaamste argument dat de provincie al voldoende doet. Oerstallig dus, in zijn mening. GrienLinks vindt dat onbegrijpelijk. Elsa: “We zien dat er nog steeds gebruik wordt gemaakt van staalslakken, gewasbeschermingsmiddelen en menggranulaat – en dat gaan we op de lange termijn allemaal terugzien in ons grondwater. Het stelt me teleur dat we niet bereid zijn om nu écht harder in te grijpen.

Stemming
Alle vier moties van GrienLinks haalden het niet.
Samen integraal werken aan schoon water – voor 16 / tegen 26
Ongewenste uitbreiding sierteelt – voor 17 / tegen 25
Basis op orde van het VTH stelsel – voor 16 / tegen 26
Stoppen bij de bron – voor 16 / tegen 26

Een gemiste kans, vindt GrienLinks. “De urgentie is groot. We hebben geen tijd te verliezen – iedereen wil toch gezond water?

Nieuwsbrief maart 2025

De periode van stilstand in het Frysk Provinsjehús is nog niet afgelopen. Afgelopen woensdag 26 maart was er, na het uitblijven in februari, weer een Provinciale Statenvergadering. Alleen een wijziging in het Reglement van Orde stond op de agenda.

Hierom zijn er veel afzonderlijke moties ingediend. Twee moties, over het OV en de brug in Top en Twel, worden mede ingediend door GrienLinks. Door een ordevoorstel werden de voorstellen op basis van relevantie op voorhand al voor- of weggestemd. Hierdoor liepen de voorstellen terug van acht naar twee. De twee moties die zijn besproken door de Provinciale Staten gingen uiteindelijk over het OV en de brug in Top en Twel, de moties die wij hebben gesteund! Lees hieronder meer over de uitkomsten van de Provinciale Statenvergadering.

Verder heeft de fractie niet stilgezeten. Zo zijn Charda, Elsa en Jochem met de rest van de Provinciale Staten naar Brussel geweest voor de Fryslân Dei! Hier werd gereflecteerd op de waterveiligheid en de toekomst van onze provincie. Daarbij hebben we op 5 maart jl. onze leden mogen ontvangen op het Provinciehuis. Wij vonden het heel waardevol om de aanwezigen hun zorgen over de politiek te horen.

Verder namen we afscheid van Menno Brouwer, een onvermoeibaar pleitbezorger voor een groen en sociaal Fryslân. Ook waren we aanwezig bij de GroenLunch XXL, waar inspirerende sprekers inzichten deelden over hoe we duurzaam gedrag kunnen stimuleren. Tot slot is er een ‘save the date’ voor de aankomende PLV (Provinciale Leden Vergadering), lees hieronder meer!

Doe mee! Zoals je kunt lezen, kunnen we je steun goed gebruiken… Je vindt meer informatie over ons en onze activiteiten op de website of op facebooktwitter en  instagram. Voor contact met de fractie: grienlinks@fryslan.frl 0582925805.

Word lid

Verder lezen

Meer grip, minder chaos: debat over toekomst OV

Op 26 maart 2025 dienden PvdA en GrienLinks de motie Meer grip, minder chaos in tijdens de Statenvergadering. De aanleiding was de moeizame start van de nieuwe OV-concessie met Qbuzz, die kampt met rituitval, vertragingen, gebrekkig materieel en een hoge werkdruk voor chauffeurs. Dit probleem beperkt zich niet tot Fryslân; ook in andere provincies zoals Zuid-Holland en Zeeland zijn vergelijkbare kwesties zichtbaar. Betrouwbaar openbaar vervoer is noodzakelijk voor veel inwoners. Veel daarvan zijn afhankelijk van het busvervoer voor hun school of werk.

De motie vroeg het college om te onderzoeken wat er juridisch, organisatorisch en financieel nodig is om een provinciaal OV-bedrijf op te zetten, zodat inbesteding van vervoerconcessies een realistische optie wordt. Daarnaast werd verzocht om een startnotitie op te stellen met de belangrijkste stappen en kaders hiervoor.

Tijdens het debat werd al snel duidelijk dat de meningen sterk uiteenliepen. PvdA, ook namens GrienLinks, betoogde dat de huidige problemen met Qbuzz laten zien dat marktwerking in het openbaar vervoer niet werkt. Ze verwezen daarbij naar een wetsvoorstel in de Tweede Kamer dat inbesteding door provincies mogelijk zou maken. De PVV deelde de kritiek op de concessie en stelde dat er naar alle mogelijke oplossingen gekeken moest worden om het openbaar vervoer toegankelijk en betaalbaar te houden. Tegelijkertijd vonden ze het beter om de discussie over de motie op een later moment te voeren, wanneer het landelijke wetsvoorstel verder gevorderd is.
De BBB stelde een andere aanpak voor en pleitte voor een expertmeeting na meer evaluatie van de huidige concessie. Volgens hen zou dit meer inzicht geven in de opties, waarna een eventuele startnotitie overwogen kon worden. De SP steunde de motie, maar uitte frustratie dat dit probleem pas nu aandacht kreeg, terwijl de signalen al langer duidelijk waren.

Aan de andere kant van het spectrum stonden de VVD en het CDA, die tegen de motie waren. De VVD betoogde dat marktwerking juist efficiëntie bevordert en kosten verlaagt. Het CDA voegde daaraan toe dat de kwaliteit van het openbaar vervoer volgens reizigers is verbeterd sinds de invoering van marktwerking en dat het te vroeg was om nu al alternatieven te overwegen, aangezien de huidige concessie nog negen jaar loopt.
Het college sloot zich aan bij het standpunt van de PVV en het CDA en wees op de kritische houding van de Raad van State ten aanzien van het wetsvoorstel. Ze benadrukten dat er eerst grondig onderzoek nodig is naar de juridische haalbaarheid van inbesteding. Daarnaast vonden ze de motie voorbarig, aangezien het nog negen jaar duurt voordat de huidige concessie afloopt. Ook wezen ze erop dat een startnotitie extra ambtelijke kosten met zich meebrengt, terwijl de motie geen financiële dekking daarvoor bevatte.

Uiteindelijk besloot de PvdA de motie in te trekken en samen met de BBB een expertmeeting te organiseren. Op basis van die bijeenkomst kan het onderwerp later opnieuw op de agenda worden gezet. De mobiliteit van inwoners in Fryslân, jong en oud, staat wat ons betreft voorop. Ondanks de intrekking van de motie is dit een stap in de richting van openbaar vervoer dat niet wordt onderworpen aan marktwerking!

Laat provincies bepalen waar cohesiegeld naartoe gaat!

De Europese Commissie werkt momenteel aan nieuw beleid voor de zogenaamde cohesiefondsen als het ESF+ en EFRO. Dat zijn subsidies die bedoelt zijn voor het kleiner maken van de verschillen tussen regio’s. Vanaf 2028 lopen deze cohesiefondsen vanuit een efficiency-oogpunt mogelijk via Den Haag, in plaats van rechtstreeks naar onze regio. Dat betekent ook dat onze nationale regering straks mogelijk beslist welke projecten worden ingediend in Brussel. Dit bemoeilijkt de directe toegang van Fryslân en onze regionale economie, overheden en bedrijven tot Europese middelen.

De fracties PvdA, GrienLinks en het CDA vinden dit een ongewenste ontwikkeling en daarom stelt Jaap Stalenburg, ook namens Elsa van der Hoek, mondelinge vragen aan het college van gedeputeerde staten.

Het kost Noord-Nederland mogelijkheden’, reageerde gedeputeerde Douwstra op dit mogelijk nieuwe beleid tijdens de Fryslândei, omdat deze fondsen juist bedoeld zijn voor regio’s die in vergelijking met de rest van het land een economische achterstand hebben. De directe toegang van Fryslân tot Brussel zijn om deze reden essentieel. Ook in meerdere Europese beleidsstukken, waaronder een speech van burgemeester Sharon Dijksma van Utrecht namens de VNG, wordt erop gewezen dat steden en regio’s cruciaal zijn voor het behalen van EU-doelen op klimaat, innovatie en sociale inclusie en de risico’s van centralisatie voor regionale economieën en innovatie.

In de beantwoording van de vragen geeft het college aan dat zij bereid zijn zich meer actief in te zetten in Den Haag én Brussel tegen deze centralisatie en te pleiten voor behoud van decentrale bestedingen van EU-gelden. Via de P&C-cyclus, het IPO– en Europa-overleg zal het college de Provinciale Staten meer én beter op de hoogte houden van de verdere ontwikkelingen en vervolgstappen op dit dossier.

Wordt vervolgd!