Cultuur: een doekje tegen het bloeden


Op 4 juli j.l. publiceerde het College de beoordeling van de adviescommissie over de subsidies voor musea en kunstinstellingen in Fryslân. Veel organisaties die sinds 2020 subsidie ontvingen en nu met een voldoende zijn beoordeeld, vielen dit maal buiten boord. Dit heeft toen al geleid tot protest vanuit de sector. Hierom is het onderwerp op verzoek van de PvdA, GrienLinks en VVD op de agenda gezet tijdens de commissievergadering van 17 september j.l.. Ook toen zijn mensen uit de sector in grote getalen gekomen en hebben enkelen ingesproken. Kortom; er is veel onvrede. De Commissieleden waren het er roerend over eens; dit moet besproken worden tijdens de besluitvormende Provinciale Statenvergadering zodat er voorstellen ingediend kunnen worden.

Namens GrienLinks was Elsa van der Hoek er niet over te spreken: er is onvoldoende geld gereserveerd. En het argument dat er onvoldoende middelen beschikbaar zijn kon niet op. Het college heeft begin september namelijk besloten extra geld uit de reserve te halen om zowel het subsidieverzoek van het landbouw museum en het Hindeloopen museum te honoreren. Hoezo is dit niet mogelijk voor de kunstinstellingen? Verder is de verdeelsleutel voor kunstinstellingen oneerlijk voor kleinere organisaties die het moeten opboksen tegen de grote festivals in dezelfde categorie.

Tijdens de Statenvergadering werd er gediscussieerd over twee voorstellen.
Het voorstel ‘repareren cultuursubsidies’ (VVD, BBB, FNP, JA21, PvdD) dat enkele organisaties van subsidie voorziet en het voorstel ‘herstel culturele keten’ (PvdA, GL, D66, SP, PvdD) welke alle organisaties die met een voldoende zijn beoordeeld voorziet van subsidie.

Debat
Het ging er in het debat hard aan toe. De VVD stelde dat hun voorstel de meeste kans zou hebben van slagen, gezien het al afgestemd was met een meerderheid van de zetels. Echter, steun voor maar enkelen van de organisaties die dat verdienen is willekeurig en onvoldoende. Hierom steunen wij de motie van de PvdA, die geld voorziet aan alle instellingen met een voldoende. Daarbij riep indiener Christa Oosterbaan op aan de Staten; kunnen we deze discussie en motie bespreken tijdens de begroting (in november), dan is er immers meer te regelen voor de sector. Vanuit GrienLinks stond Elsa haar bij;

“Wat ons vooral tegenstaat, is dat er nu keuzes worden gemaakt voor organisaties die nog wel iets krijgen, we nu zelf als staten een soort ranking gaan maken. En daarbij bekruipt mij het gevoel, en dat is zacht uitgedrukt, dat hier naar willekeur keuzes worden gemaakt. Dat voelt onrechtvaardig. We zetten organisaties en makers tegenover elkaar, terwijl we allemaal weten dat zij samen de rijkdom van het Friese culturele leven vormen. Er zijn nu instellingen die niet verder kunnen en onze Mienskip kan straks niet meer leren dansen, schilderen, muziek maken en onze jongeren hebben straks geen plek meer waar ze zichzelf kunnen zijn of zich kunnen ontplooien.”

Verder schaarden D66, SP, PBF en de PvdD schaarden zich achter de motie van de PvdA. Zij vroegen zich af of de motie van de VVD invloed heeft op de bezwaarprocedures die al lopen. Zou een toekenning aan geld een precedent scheppen voor organisaties die wel met een voldoende zijn beoordeeld maar buiten de boot vallen? Verder werd gesteld dat deze bezuinigingen het culturele veld verder zal uitkleden, waarom kiest het college voor afbraak?

CDA, FNP en BBB stonden in het debat achter de motie van de VVD. Zij stelden dat het culturele veld divers blijft, ook na deze bezuinigingen. Wanneer organisaties buiten de boot vallen moeten zij dit zien als een ‘ondernemersprikkel’. Zij zien graag dat er een brede afweging wordt gemaakt met het geld dat over is gezien er ook andere provinciale opgaven op de plank liggen met onvoldoende gelden.

Reactie college
Gedeputeerde Knol stelt dat er binnen de advies geldt dat musea een rijk veld is met een krappe jas. Ondanks de vermijdelijke bezuinigingen blijft het culturele veld heel divers. Hij ontkent de afbraak van het culturele veld op het platteland; ‘dat gebeurd echt niet, we investeren al miljoenen. We moeten ons aan het advies verhouden. Het is niet onze gedachte om iedereen met een voldoende geld te geven.’ Wat betreft de precedentschepping en invloed op beroepsprocedures als een gedeelte van de organisaties alsnog subsidie ontvangt? In dat geval verwacht Gedeputeerde Knol dat de lijst bezwaren minder zal worden.

Stemming
Tijdens de stemming kwam de voorspelling die ’s ochtends in de krant stond uit:
De motie ‘repareren cultuursubsidies’ (VVD, BBB, FNP, JA21, PvdD) werd met 28 stemmen voor en 15 stemmen tegen aangenomen.
De motie ‘herstel culturele keten’ (PvdA, GL, D66, SP, PvdD) werd met 13 stemmen voor en 30 stemmen tegen verworpen.

Wat als er geen WIJ meer is bij de FUMO?

De FUMO zijn WIJ met elkaar, de provincie Fryslân én al onze gemeenten. Onze FUMO heeft als gemeenschappelijke regeling een steeds belangrijkere taak als omgevingsdienst. De FUMO zet zich voor ons in om onze leefomgeving zo goed mogelijk te beschermen en te bewaken voor de generaties die na ons kom! Maar wat als de deelnemers van de FUMO het onderling niet eens kunnen worden? Wat als er geen wij is? Zelfs in de ontwerpbegroting 2026 wordt op bladzijde 14 gesproken over “tegenstrijdige belangen en verschillend denkende opdrachtgevers”. GrienLinks vindt dit zorgelijk.

Tijdens de Provinciale Staten heeft onze fractie als enige een inbreng bij dit agendapunt. Charda was kort en krachtig,

“De begroting zoals nu voorligt lijkt niet in lijn met de verbeterslag die was ingezet. We hebben met verbazing gelezen dat, onder aanvoering van provincie Fryslân een amendement is ingediend om een aantal voor onze provincie belangrijke onderwerpen investeringen terug te schroeven. En dit staat op zeer gespannen voet met de provinciale ambities én de stevigheid van de organisatie”.

De FUMO staat namelijk voor een grote uitvoeringsopgave voortvloeiend uit de rapportage van de commissie Van Aartsen. Per 1 april 2026 moet de FUMO voldoen aan deze, voor een groot deel wettelijke, eisen. Deze ontwikkelingen leggen een toenemende druk op de dienstverlening van de FUMO en onderstrepen de noodzaak om slim te blijven investeren in de uitvoeringskracht van de organisatie. Daarbij speelt ook nog dat naast het verwachte tekort over 2025, er nu over 2024 een negatief resultaat behaald is (-/- € 361.000). Eshuis accountants geeft in het accountantsverslag 2024 aan dat de financiële positie van de FUMO financieel kwetsbaar wordt en adviseert om hierover tijdig in gesprek te gaan met de deelnemers.

Tegelijk dreigen bij Fryske gemeenten nog steeds donkere financiële wolken in verband met de doorgeschoven ravijnjaren. Het dagelijks bestuur van de FUMO zou daarom terughoudend zijn met het opnemen van nieuwe zaken in de begroting. En in dit spanningsveld heeft het dagelijks bestuur een zeer zorgvuldig proces doorlopen om met een afgewogen begroting voor 2026 te komen.

Maar… ondanks dit zorgvuldige proces is er middels een amendement toch extra bezuinigd op, wat onze fractie betreft, cruciale elementen. “En dan gaat het ons in het bijzonder om Zeer Zorgwekkende Stoffen, waarop de provincie zich concreet heeft uitgesproken om daar beleid op te willen formuleren. Daarnaast kennen wij problematiek rond PFAS, staalslakken en de REC. Om naar een gezonde en schone leefomgeving te bewegen, is er inzet nodig op ZZS, waarbij een proactieve houding gewenst is”, aldus Charda. “Maar hetzelfde speelt op circulaire economie. Fryslân heeft een ambitie vastgelegd, daarbij is ook de omgevingsdienst een belangrijke schakel in onder andere kennisdeling en vergunningverlening in een nieuwe en snel ontwikkelende sector. Hoe strookt dit met de keuze om dit onderdeel als ‘pas op de plaats’ niet op te pakken?”.

Gedeputeerde De Vries benadrukt in zijn beantwoording dat de financiële bijdrage van de provincie Fryslân wel degelijk is gestegen, namelijk met bijna 21%. En voor wat betreft de ZZS en de circulaire economie “daar moet een plus op komen, maar dan moet er wel een integrale afweging komen”, aldus de gedeputeerde De Vries.

Charda benadrukt dat:

“het is in onze ogen juist nodig is om te investeren in een FUMO die voldoet aan de eisen die aan een robuuste omgevingsdienst worden gesteld. Wij hopen dat het onderzoek dat in het najaar van 2025 wordt uitgevoerd daar duidelijkheid over biedt. Wat wij vooral belangrijk vinden is dat er een gemeenschappelijk beeld ontstaat van een omgevingsdienst die werkt voor heel Fryslân”.

Aanleiding van het onderzoek is het ontbreken van een gedeeld beeld over wat de FUMO robuust maakt, en de wens om overeenstemming te krijgen over toerekening van collectieve, basis- en plustaken. De gedeputeerde De Vries heeft toegezegd dat hij dit onderzoek, in het kader van transparantie, ook zal delen met de Provinciale Staten.

Onze fractie kijkt dan ook uit naar de uitkomsten van dit onderzoek en gaat ervan uit dat de deelnemers van de FUMO erin slagen om weer naar een WIJ te komen, waarin ONZE gezonde fysieke leefomgeving centraal staat!

Voorspellend vermogen ontbreekt nog steeds


Samen met PvdA en FNP is onze fractie kritisch op de Bestuursrapportage van 2025. “Hoewel we de ambtelijke inzet waarderen om een duidelijk leesbare rapportage te produceren, zien we dat wederom de doelen en indicatoren niet toereikend zijn om onze controlerende taak goed uit te voeren”, aldus Charda.

Op de vraag van Charda over traineeprogramma antwoord de gedeputeerde Folkerts dat het zeer zeker de intentie is dat er in ieder geval van 2026 weer wordt gestart met nieuwe traineesprogramma. De provincie heeft twee soorten traineeship, het reguliere programma en een traject speciaal voor statushouders. Dit laatste traject is voor nu afgelopen. Maar hierover wordt Provinciale Staten zeer binnenkort middels een brief geïnformeerd over de bevindingen en het eventuele vervolg, aldus de gedeputeerde Folkerts.

Verder verwijst Charda in haar betoog samen met Klaas Swart van de fractie PvdA naar de motie voorspellend vermogen. Deze wordt helaas in de praktijk nog steeds niet (voldoende) uitgevoerd, ondanks de vele gesprekken in onder meer de auditcommissie en de kritiek tijdens de commissie- en begrotingsbehandeling(en).

Al jaren ziet GrienLinks dat de omvang van de provinciale begroting in omvang toeneemt. Een van de redenen is volgens de provincie Fryslân dat het Rijk de provincies geld toekent via specifieke uitkeringen (SPUK’s). Hiermee moet in een kort tijdsbestek een aantal resultaten worden behaald. De huidige systematiek is dat de Provincie Fryslân de uitgaven en inkomsten dan ook in dit tijdsbestek plannen. Het is mooi dat de provincie erin slaagt zoveel middelen naar zich toe te halen. Maar de uitvoering hiervan kost echter vaak veel meer tijd dan de oorspronkelijke looptijd van de SPUKs. Met succes vraagt de provincie dan verlenging aan bij het Rijk. Dit betekent vervolgens dat de middelen worden doorgeschoven, met de hoop dat dan de resultaten binnen de nieuwe looptijd behaald kunnen worden. Hetzelfde beeld ziet GrienLinks bij de reserves, er is sprake van een veel te lange doorlooptijd. Daarbij wordt in rapportages niet of onvoldoende aangegeven waarom er een afwijking/vertraging is en wat wordt ondernomen om alsnog de resultaten te behalen. En dit moet veranderen, benadrukt Charda:

“Het begint dan ook irritant te worden om telkens in de herhaling te vallen en te wijzen op onder andere de kader richtlijn water, op de NNN, de nijpende situatie in het veenweidegebied, op brede welvaart, en te pleiten voor een schone en gezonde leefomgeving”.

Charda sluit haar inbreng af met de wijze woorden “Vol spanning wachten wij tot het moment daar is om eindelijk de discussie te kunnen voeren over beloofde gouden bergen. Wij zien een groot risico op ons afdoemen dat er wéér geen goede afweging zal plaatsvinden en het geld verbrast gaat worden aan allerhande luchtkastelen.”

Wordt vervolgd bij de komende begroting 2026. Hierover moeten nog vele kopjes koffie worden gedronken, aldus de gedeputeerde. Wij zitten er klaar voor en hebben de koffie al gezet!

Kunnen Friezen nog rekenen op de bus?


Vanaf december 2024 rijden er in Fryslân geen blauwe bussen meer. De overgang van vervoerder (Arriva > QBuzz) ging niet zonder slag of stoot. Afgelopen jaar heeft GrienLinks hier twee moties over mede ingediend. In januari heeft de aangenomen motie van het CDA het college opgedragen strenger op QBuzz te controleren en indien nodig te beboeten. In maart diende de PvdA een motie in om te laten onderzoeken of de Provincie het OV zelf kan regelen. Deze is destijds ingetrokken met de verwachting deze discussie bij de volgende concessie (2035) te voeren.

Na herhaaldelijk niet nakomen van de afspraak heeft provincie afgelopen zomer een boete opgelegd aan Qbuzz van 1 miljoen euro. Uit de cijfers van antwoorden op vragen van de SP in september blijkt dat er nog steeds sprake is van rituitval. Reden genoeg om het College van Gedeputeerde te verzoeken om meer maatregelen. Zo luidt de motie vreemd (een urgent en actueel voorstel dat buiten de agendapunten valt) die op 24 september 2025 is ingediend door de PvdA. Samen met de SP, D66 en de PvdD heeft Grienlinks deze motie mede ingediend.

De motie vreemd verzocht het college QBuzz de opdracht te geven uiterlijk 16 december met een concreet en afdwingbaar verbeterplan. Verder moet QBuzz een onafhankelijk onderzoek laten uitvoeren op eigen kosten naar de structurele oorzaken van de uitval en vertragingen. Tot slot vraagt het voorstel om de Provinciale Staten ieder half jaar op de hoogte te houden van de voortgang van de verbetermaatregelen.

Voor ons staan drie vragen voorop;
1. Is de afspraak waarin alle chauffeurs (ook ZZP’ers) onder dezelfde CAO vallen gehandhaafd?
2. Zijn er na 1 januari 2025 nog zero emissie bussen gekomen die te laat in gebruik zijn genomen? Ofwel; reden er langer dan afgesproken dieselbussen?
3. Is er voldoende aandacht voor de veiligheid bij bushaltes. Reizigers en chauffeurs lopen een risico bij afgelaten bushaltes.

Reactie Gedeputeerde de Vries
De Gedeputeerde geeft in zijn reactie aan dat de Provincie Fryslân niet tevreden is over de uitwerking van de busconcessie met Qbuzz. Dat was duidelijk in december, februari en de afgelopen zomermaanden. Wel benadrukt hij dat afwijkende punctualiteit soms redelijkerwijs gemotiveerd kan worden. Denk aan de boot vanuit Ameland die vertraging oploopt, dan is het schappelijk als de aansluitende bus even blijft wachten.
Verder stelt hij stelt nooit te hebben gezegd dat boetes opleggen een doel op zich is. Maar wanneer er dermate wordt afgeweken van de doelen waar Qbuzz volgens hun afspraken aan moet voldoen, zien zij geen andere optie. Dit betekent dat er ieder kwartaal wanneer er niet wordt voldaan aan de verwachtte prestaties een boete bovenop op de huidige wordt geheven.

Op onze vragen was de Gedeputeerde helder. Hij stelt dat aan de CAO wordt voldaan voor alle chauffeurs, dit is ook afgestemd met de ondernemingsraad. Verder stelt dat er vanaf 1 januari 2025 niet met dieselbussen is gereden, conform de afspraak. De laatste vraag beantwoord door te vermelden dat het aandachtspunt voor veiligheid ook al aanwezig was tijdens de concessie met Arriva. Tot slot stelt hij dat een gebrek aan veiligheid helaas een landelijke trend is. Wel is het in Fryslân beter gesteld met de veiligheid in vergelijking met de andere gebieden in Nederland.

De motie vreemd Betrouwbaar openbaar vervoer in Fryslan is met 13 stemmen voor (PvdD, SP, PVV, GL, PvdA, D66) en 30 stemmen tegen (JA21, PBF, CU, VVD, Jonker, FNP, CDA, Van dijk, BBB) verworpen.

Dit geeft aanleiding voor een expertmeeting, waarin meer informatie wordt vergaard met betrokken partijen over de verloop van de concessie.

Een Fryske lobby uit eigen hús

Op 4 juni 2025 werd bekend dat de Provincie Fryslân uit de noordelijke lobby van het SNN (Samenwerkingsverband Noord Nederland) stapt. Hierom heeft het college van Gedeputeerde Staten op de daaropvolgende 1 juli een rapport aangeboden aan de Provinciale Staten genaamd ‘‘Publike saken foar Fryslân’. Hierin staat op welke manier Fryslân de eigen lobby in gaat richten.

Commissievergadering
Op de voorbereidende commissievergadering van 10 september stond het rapport en begeleidende brief ter discussie. Hierbij stond de Commissaris van de Koning de commissieleden te woord. De vragen bestonden vooral uit het besluit om uit de SNN te vertrekken, het proces rondom het vertrek en hoe de lobby er in de toekomst uit gaat zien.
De Commissaris reageerde dat de discussie over het vertrek ambtelijk al enkele jaren leefde. De doorslaggevende factor was toen duidelijk werd dat Groningen en Drenthe een eigen lobbystrategie hebben en er tijdens de voorjaarsnota behandeling geld was verschoven voor de realisatie van de Nedersaksenlijn ten koste van de Lelylijn. Hij stelde verder dat Fryslân in een gezamenlijke Europese lobby zit van 59 minderheidstalen. Tot slot stelde hij dat er geen nieuw geld wordt gereserveerd voor de Fryske lobby. Het geld dat er is gestopt in de SNN wordt overgeheveld naar Fryslân. Hiervan (8 fte) wordt de Fryske lobby gefinancierd.
Uit de vergadering bleek dat de Provinciale Staten dit onderwerp graag wilde agenderen.

Provinciale Statenvergadering
D66 heeft het onderwerp afgetrapt met het indienen van een motie voor meer zeggenschap van Provinciale Staten bij dit onderwerp. Vanuit GL zien we dat het huidige college veel onderwerpen naar zich toe heeft getrokken en de regie van PS kleiner wordt. Hierom kunnen wij alleen wij er alleen voor kiezen ons achter de motie te scharen. De VVD stelde dat het belangrijk is dat er geen sprake is van micromanaging, maar dat dit wordt voorkomen met de manier waarop de motie nu is opgesteld.
De Commissaris stelde in reactie dat het college het mandaat heeft om op onderwerpen met politieke overeenstemming een mandaat heeft zelfstandig te opereren. Verder vertelde hij dat de lobby een proces is dat op vlakken al goed gaat en op sommige vlakken verbetering behoeft, er wordt op ‘verschillende borden geschaakt’. Tot slot wordt er benadrukt dat Fryslân wel blijft samenwerken met Groningen en Drenthe via de SNN op landelijke lobby onderwerpen maar eerst haar eigen verhaal op orde moet hebben.

Motie ‘voor de publieke zaak’ – D66 PvdA CDA
Verworpen met 20 stemmen voor (PvdD, SP, GL, PvdA, D66, VVD, Jonker, CDA en Van Dijk) en 23 stemmen tegen (JA21, PBF, PVV, CU, FNP, BBB)

Jonge Friezen eisen de nacht op

Afbeelding van een vrouw die over straat loopt. Het is donker. De vrouw staat met haar rug naar de camera toe gekeerd.

Op zaterdagnacht 30 augustus organiseerde Dolle Mina door het gehele land acties rondom het thema “De Nacht is ook van ons!”, zo ook in Fryslân. Met een verlichte fietstocht wordt er vanuit uitgaanscentra naar onveilige plekke gefietst. Dit om duidelijk te maken onveilige straten en onveilig gedrag in Nederland niet langer geaccepteerd moet worden. Veiligheid van vrouwen is niet een individuele verantwoordelijkheid, maar een verantwoordelijkheid van de gehele samenleving. Het is geen vrouwenprobleem, maar een maatschappelijk probleem. Met deze actie roept Dolle Mina ook de overheid op om geld vrij te maken voor een veilige leefomgeving, voor onderwijs en voor campagnes rondom dit thema.

Tijdens de Statenvergadering op 24 september 2025 heeft GrienLinks de motie vreemd (een actueel en urgent voorstel) van D66 mede ingediend. Het voorstel ‘jonge Friezen eisen de nacht op’ vraagt om in samenwerking met gemeenten en organisaties (zoals Tienskip) een plan te bedenken voor de straatveiligheid. Statenlid Elsa van der Hoek vertelde hierover het volgende;

“Vroeger werd je als meisje gewaarschuwd niet alleen in het donker te gaan; onveiligheid hoorde er zogenaamd gewoon bij. Ik ben blij dat er nu een tendens is dat dit níet normaal is en dat we samen werken aan een andere cultuur, waarin iedereen zich veilig voelt op straat.”

De partijen in de Provinciale Staten waren het er allemaal over eens dat de veiligheid een voorwaarde is voor iedereen op straat. Al was er wel een discussie wie nu verantwoordelijk was. De BBB stelde dat de verantwoordelijkheid voor de openbare orde ligt bij de gemeenten en de PVV stelde dat het probleem lag bij asielzoekers.

Gedeputeerde Folkerts stelde dat het college meermaals om tafel is gegaan met de meisjes die hun initiatief over straatveiligheid via Tienskip lanceerde en onder de indruk waren. De motie is positief geapprecieerd en wordt gefinancierd vanuit het participatiebudget.
Met 40 stemmen voor (JA21, PvdD, PBF, SP, GL, PvdA, CU, D66, Jonker, FNP, CDA, BBB) en drie stemmen tegen (Van Dijk en PVV) is de motie aangenomen.